"Ik heb ook een tabaksdiploma, maar doe toch maar schilderen"

ZUIDLAREN – Arie Zuidersma (87) is van vele markten thuis. Hij verdiende zijn geld met allerlei bezigheden. Van het repareren van tv’s en antiek, pianospelen tot toneel. En onlangs heeft de creatieve duizendpoot zijn eerste boek uitgegeven. Wensen voor zijn verdere leven? "Doe toch maar gewoon schilderen", zegt Zuidersma.

Vroeg in de middag leggen we contact voor een afspraak. "Je mag vanmiddag wel komen". De 87-jarige Zuidersma lijkt alle tijd van de wereld te hebben. Maar zit bepaald niet stil. "Misschien dat ik daarom zo oud wordt", zegt hij, al rokende. Het is vol in en om het huis. In de kamer staat een piano, aan de muur hangen violen en uiteraard schilderijen. De uitgever van zijn eerste boek noemt schrijven ‘een verrassende kant van zijn talent’. En dat klopt. Met de nadruk op verrassende. "Eigenlijk was ik niet van plan om een boek uit te geven". Over het boek wil Arie niet veel kwijt. Steeds keert het onderwerp schilderen weer terug. Even terug in de tijd. Arie is geboren in Emmen. "Als baby ben ik ‘vervoerd’ naar Groningen. Ik voel me ook meer Groninger dan Drent. Het is begonnen met striptekenen. Elke week moest ik voor mijn klasgenoten een nieuwe strip maken. Soms moest ik daarom spijbelen. Mijn broer was nog erger. Ze dachten dat hij van school was. Mijn zoon tekent tegenwoordig zo en nu dan strips voor Donald Duck. Hij zit dus ook in het vak. En ook hij schildert. Mijn zus, die al op 30-jarige leeftijd overleed, was onderwijzeres en moeder coupeuse. Ik heb van alles gestudeerd. Ik heb een ’tabaksdiploma’, middenstand en assurantie. Na de MULO kwam ik uit veiligheid – het was oorlogstijd- op kantoor bij mijn vader, die directeur was van de Nederlandse Variaverzekering. Toen schilderde ik al. Mijn vader zag er geen brood in: dat wordt niks, zei hij. Maar ik kwam toch in de kunstwereld terecht. Ik werd overspannen op kantoor. Ik mocht een jaar niet werken. Maar dat wilde ik niet. En dus ging ik schilderen. Ik interesseerde mij echter overal voor. Ik wou altijd een beroemd pianist worden, ben grimeur geweest, was bezig met motortechniek, toneelspelen (ik heb 40 jaar toneel gespeeld), enz. Ik vind voetbal ook leuk. Ik heb gespeeld bij GRC. En ik volg het voetbal nog steeds. Johan Cruijff was net een balletdanser op het veld". Hij is het erover eens: voetbal is ook kunst. "Ik heb ook poppenkast gespeeld. Een verslaggever zou daar een verhaal over schrijven, maar vond het schilderen geweldig. Op school kreeg ik een ’10’ voor tekenen maar ook schrijven. Maar bij het vak Nederlands tekende ik vooral de leraar. Een buurman (Marten Klompien) heeft mij veel geleerd over kunst". Bijna dagelijks trokken de twee erop uit in het Groninger landschap, een van zijn favoriete schildersonderwerpen. Maar het verkopen van zijn werk verliep niet altijd succesvol. "Ik vertrouwde de mensen te veel. Ik ben vaak bedonderd. Dan vroeg iemand of hij het schilderij even mocht meenemen naar huis, Tja, en dan vraag ik geen adres. Zo ben ik veel geld kwijt geraakt; ik had een kasteel eraan over kunnen houden. Gelukkig zijn er ook eerlijke mensen. We reisden niet veel. Wel kwamen we veel op de eilanden. Als ik geen geld had verkocht ik mijn geschilderde schelpen". Momenteel exposeert Zuidersma in Niezijl. Arie Zuidersma is de laatst levende lid van kunstenaarsgroep De Ploeg, betiteld als ‘Gronings expressionisme’. De Ploeg verwierf internationale faam. Door zijn vele verdiensten op cultureel gebied werd Arie in 2001 Ridder in de Orde van Oranje Nassau. "Dit gebeurt dan door anderen", zegt Zuidersma op bescheiden toon. We willen toch weer terug naar het boek, ‘Dromen en geheimen’, in oktober vorig jaar uitgegeven. "Ik wou het eerst niet uitgeven. Ik had nog oude gedichten. Een vriend zei toen dat ik een boek moest maken. Er zitten hele oude gedichten bij. In het boek staan ook grafschriften. Die bedacht ik ook zelf. Over het boek heb ik in totaal een half jaar gedaan. Ik had er liever langer over gedaan; het boek moest snel klaar". Zuidersma zegt zich niet te willen meten met grote schrijvers. Hij noemt de teksten ‘krabbels en babbels in letters en verf’. Deze typering is wel op zijn plaats. De teksten zijn humoristisch en fantasierijk. Kunstzinnig. Dromen en Geheimen. Of Arie nog droomwensen heeft? Toneel spelen kan ik niet meer. Motortechniek is ook te zwaar. Maar misschien ga ik nog wel wat doen met elektronica. Cassetterecorders repareren bijvoorbeeld. Ik neem nog steeds op met cassettebandjes. De techniek van tegenwoordig? Internet? Nee, daar heb ik niet veel mee. Ik heb zo’n telefoon aangeschaft. Handig voor onderweg dacht ik. Toen wilde ik een keer bellen, bleek het geld op. Ik had dat ding nog nooit gebruikt". Ook verder vindt hij deze tijd niet zo leuk. Vroeger, als je een fiets gestolen had, stond het in de krant. Nu lachen ze je uit. Er is geen respect meer voor een politieagent. Je hebt zoveel oplichters en criminelen". We dwalen af. Nog andere wensen? "Nee, hou het maar op schilderen" Zuidersma de Ploeg2