Dore Mulder gaat voor een tentoonstelling in het Ontmoetingshuis

VRIES – Haar huis ademt een vrolijke en warme sfeer. In een mix van kleuren vallen op, de vele zelfgemaakte tekeningen en schilderijen en flyers van diverse voorstellingen aan de muur, een kast vol met boeken, diverse stapeltjes op de tafels én een glanzende zwarte piano. Het is veel, maar geordend. “Van nature ben ik slordig hoor, maar mijn moeder haalde mij altijd terug als ik m’n bed niet had opgemaakt. Ik kreeg het van haar mee en nu heb ik er alle tijd voor om op te ruimen.” Aan het woord is kunstenaar Dore Mulder, die haar 86e verjaardag in april graag zou willen vieren met een tentoonstelling.

Vorig jaar april wilde Dore een groot feest geven ter ere van haar 85e verjaardag. Maar Corona gooide roet in het eten. “Zo jammer, ik vind het zo fijn om alle mensen waar ik van hou een keer per jaar om mij heen te hebben.” Nu hoopt ze dit jaar in april een tentoonstelling te kunnen organiseren. Een tentoonstelling in het Ontmoetingshuis naast de kerk, van haar eigen werk, want daarvan heeft ze genoeg liggen.

“Ik hou van veel dingen, maar in de eerste plaats hou ik van mensen en het leven.” Ze noemt zichzelf een mensenmens en vertelt dat ze is geboren met een paar gaven in de vorm van tekenen, schilderen en muziek. Haar hele leven heeft ze deze gaven verder ontwikkeld. “Maar ik hou ook van lezen en het schrijven van verhalen.” Een hele creatieve dame, op leeftijd, maar nog erg fit en gezond. “Daar doe ik niets bijzonders voor. Of het moet al komen van mijn dagelijkse danskwartiertje”, lacht ze. Elke vrijdagochtend is ze te vinden in een kapsalon in Vries. Ze loopt bij de klanten langs om te vragen wat ze voor hen op de piano mag spelen. “Dat kan een stuk van Bach zijn, maar ook een smartlap.” De piano, het is haar instrument waar ze graag op improviseert. Samen met een vriendin op dwarsfluit maken ze ‘ongehoorde’ muziek, muziek die nog niemand gehoord heeft.

Na de Academie Minerva voltooide Dore haar docentenopleiding om vervolgens als tekenlerares aan de slag te gaan op een huishoudschool in Zwolle en vervolgens in Groningen. Toen ze daarna aan het werk kwam bij ICO in Assen vroegen ze haar om ze nog meer kon dan tekenles geven. “Omdat ik piano kon spelen heb ik daarna vele jaren dansante vorming, spelenderwijs leren bewegen op muziek, aan kinderen gegeven.” Verder gaf ze daar jarenlang cursussen aquareleren.

“Tekenen is mijn basis.” Daarbij volgt ze altijd haar gevoel. “Ik ben niet van het oefenen en gommen, ik maak gewoon wat er op dat moment in mij opkomt.” In huis hangt veel werk gemaakt met krijt. Maar ze is nu ook bezig om samen met een vriendin een kinderboek te maken. Dore beantwoordt daarin kindervragen als bijvoorbeeld: “Hoe ziet God eruit?” Het antwoord zet ze dan bij het door haar getekende portret van het kind.

Dat Dore meer en meer schrijft heeft een reden. “Mijn vader bedacht vlak na mijn geboorte om met het gezin af te reizen naar Suriname.” Ze bracht daardoor haar eerste 10 kinderjaren door in Paramaribo. “Al deze herinneringen, in en om het huis, komen boven en moesten worden opgenomen in een verhalenboek waaraan ik ben begonnen.”

Ook bij het schrijven van verhalen gaat ze op dezelfde manier te werk als bij het tekenen. “Ik begin ergens, en halverwege bedenk ik waar het verhaal naar toe gaat.” Geen vooropgezette verhaallijnen dus. Dore vertelt: “Ik ben op een parkeerterrein en ik zie een geweldig stuk waar ik helemaal verliefd op wordt. Ik neem hem mee naar huis en hij is zo geweldig dat hij naast me zit als ik pianospeel. Helaas wordt hij ziek, maar de dierenarts zegt mij dat hij nog nooit zo’n mooie kater heeft gezien.” Hiermee geeft Dore de kat een menselijk beeld en zet ze haar lezers totaal op het verkeerde been. “Ik hou ervan.”

Het pianospelen met een vriendin, het kinderboek en het schrijven van verhalen dat zijn de pijlers waar Dore zich op dit moment op richt. “Zolang het geen ‘moeten’ wordt, daar hou ik niet van. Ik leef van dag tot dag.” Ze wil ook graag blijven genieten van haar kinderen, kleinkinderen en haar achterkleinkind. “Oh, en niet te vergeten mijn vriend en mijn vriendinnen. Ik ben en blijf een mensenmens en ik zou ze zo graag weer eens willen knuffelen.” En als de tentoonstelling vanwege de coronamaatregelen in april niet door kan gaan? “Ik wil de mensen graag laten zien waar ik mijn leven mee bezig ben geweest, maar ach, het is geen must.”