Marlies Bisschop Directeur Kindcentrum De Holtenhoek Vries

VRIES – De basisscholen zijn weer open. Directeur Marlies Bisschop vertelt over de eerste schoolweek van 2021 in Kindcentrum de Holtenhoek in Vries. Maar ook over de maatregelen en hoe het in de praktijk is om online te werken met kinderen.

“Voor de kinderen is het eigenlijk jammer dat we net deze week open zijn gegaan, want het is heerlijk weer om buiten te spelen en te schaatsen. Een week later was voor hun mooier geweest,“ vertelt Marlies Bisschop. Sinds 2010 directeur van CKC De Holtenhoek in Vries. “Ik vind het een hele leuke school. Een enthousiast team en hele fijne ouders, ik wil echt geen promotie praatje houden, maar het is nou eenmaal zo. We hebben ouders die heel positief betrokken zijn en meedenken. Vanmiddag had een ouder bijvoorbeeld gezien dat de ijsbaan open was voor kinderen en die stuurt me dan een berichtje, zodat ik dat tegen de kinderen kan zeggen. Dat soort dingen.”

Vorige week dinsdag mochten de basisscholen hun deuren openen. “Voor ons begon het een week eerder tijdens de persconferentie van Rutte. We kregen het met de rest van Nederland te horen, maar nog zonder richtlijnen. Eerst moest men nog met onderwijsvertegenwoordigers en de vakbonden spreken. Dus het was even afwachten, toen kwamen donderdagavond pas de richtlijnen. Ondertussen heb je ouders die al vanaf dinsdag met allerlei vragen komen, want ze hebben gehoord dat de kinderen weer naar school mogen en moeten hun werk daarop aanpassen. Maar wij hadden pas vrijdag de antwoorden paraat. Inmiddels zijn we zelfs daar aan gewend. Onze online lessen mochten van Den Haag donderdag en vrijdag al stoppen, maar dat hebben wij niet gedaan. Wij wilden gewoon door en de kinderen rekenden erop,” legt Bisschop uit.

“De docenten maakten hun klassen op orde, de kerstknutsels weghalen die er nog hingen en alles klaar zetten voor de week die zou komen. Iedereen had er heel veel zin in,” vertelt Bisschop verder. Dus de zondagmiddag dat iedereen te horen kreeg over het weeralarm en dat de school pas een dag later open ging bleek een kleine domper op de stemming. “Gelukkig konden de deuren dinsdag wel geopend worden. Het plein lag nog helemaal vol met sneeuw, een ongerepte witte laag. We hadden wat paadjes gemaakt waar de kinderen veilig langs konden lopen. Het was zo mooi, de kinderen kwamen aan op sleetjes, met sneeuwboots en sneeuwpakken aan en dikke tassen vol met schriften,  Ipad en alle spullen die we ze meegegeven hebben voor de schoolsluiting,“ vertelt Bisschop.

In de ochtend zijn er gesprekken met de kinderen gevoerd, over hoe het is geweest maar ook over de leuke dingen, of ze in de sneeuw hadden gespeeld bijvoorbeeld en hoe de school nu verder gaat. “Tijdens de eerste pauze op dinsdag hebben we een gigantisch sneeuwballen gevecht gehouden hier op het plein met kinderen en leerkrachten. Zelfs leerkrachten hadden speciaal wintersporthandschoenen aangetrokken omdat ze daar beter sneeuwballen mee konden maken. Dat je samen plezier kon maken, dat was zo fijn,” vertelt Bisschop lachend. 

Er zijn drie zaken nieuw sinds de heropening van de scholen. Er is een snotneuzenbeleid, wat inhoudt dat kinderen met een lichte verkoudheid ook thuis moeten blijven. Wanneer een kind positief getest wordt op corona, dan moet de hele klas, inclusief docent in quarantaine. En kinderen in groep zeven en acht wordt gevraagd om in de gangen mondkapjes te dragen. “Afgelopen jaar hebben de leerkrachten en leerlingen veel meer aanpassingen moeten doorstaan. Het is wel te doen. Het is gewoon even aanpassen, even je weg erin vinden. Gelukkig zijn kinderen daar heel flexibel in en leerkrachten ook. We willen lesgeven en gewoon weer door, ” aldus Bisschop.

Tijdens de scholensluiting kregen alle kinderen vanaf groep 3 een Ipad mee van school. “We zagen de scholensluiting namelijk al aankomen, dus we hadden ons goed voorbereid en hebben alle werkboeken en schriften meegegeven en de Ipads en laders. En alles is ook nog helemaal heel teruggekomen,” legt Bisschop uit. Het ging allemaal goed. De kleuters werkten met een weektaak met opdrachten voor thuis. Leerkrachten konden filmpjes naar de kleuters sturen, maar digitaal ontmoeten is lastiger met kleuters. “Naast dat niet iedere kleuter een Ipad thuis had, waren de kleuters met Ipad soms zo uit beeld. Of zagen leerkrachten de onderkant van de tafel ineens in beeld , zag je ze ineens verderop met Lego spelen. De kinderen die het hele huis lieten zien waren er ook, dan zie je ouders ingrijpen zo van ‘nee nee daar niet heen’. Je ziet echt van alles, het was bij tijden zeer komisch,” schaterlacht Bisschop.

Kinderen vanaf groep 3 zaten om 9 uur klaar met hun Ipad. Naast zich hadden de kinderen een wisbordje waar de antwoorden opgezet werden. Dat bordje moesten ze vervolgens in de camera tonen. “Het is heel grappig, want onze leerkrachten hadden twee schermen, op één scherm doen zij de uitleg, vanaf het digibord, veel deden dat vanuit hun klas, en het andere scherm waar ze al die kinderen op zien. Sommige lessen keek ik mee. Als je dan een groep 3 ziet, dat zijn 25 kleine beeldjes en ze bewegen allemaal. Als je daar lang naar kijkt, word je helemaal draaierig. Ook hebben onze leerkrachten veel katten door het beeld zien lopen. Daarnaast hebben ze geleerd dat een verjaardagliedje samen zingen het beste gaat wanneer de juf zingt en de kinderen meezingen met het geluid uit. En naar het toilet gaan moest ook zoals in de klas via een handje opsteken. Dan vroegen kinderen ‘Juf mag ik naar de Wc?’ en dan zei juf ’Wacht maar even want de wc is bezet, Hugo is net naar de wc. Even wachten tot hij terug is,” lacht Bisschop, “Daar gingen de kinderen heel serieus in mee. ‘Oh ik zie dat Hugo terug is, mag ik nu wel?’ Je moet er ook een beetje lol van maken hoor, anders is het allemaal zo zwaar.”

In het online werken zijn leerlingen en docenten steeds handiger geworden. “Zo kregen de kinderen op een gegeven moment door hoe ze het geluid van de docent uit konden zetten,“  en weer schaterlacht Bisschop, “ de kinderen kwamen erachter hoe ze eigen klasgenoten uit de les konden gooien. Dat was even schrikken voor de leerkrachten, dus iemand heeft snel een instructiefilmpje gemaakt om dat te voorkomen als leerkracht. Dat soort dingen beleef je allemaal. Kinderen zijn heel vindingrijk. Maar docenten ook. Zo heeft een leerkracht afgelopen dinsdag op haar schoolbord een grote rode mute-knop getekend. Dat beviel haar wel met online werken. Maar helaas werkte dat niet in de praktijk.” Naast kattenkwaad merkt Bisschop ook andere zaken op. “De kinderen in het dorp zagen elkaar veel, maar kinderen van buitenaf of uit een ander dorp zagen hun klasgenoten niet meer. Een leerling kwam naar school fietsen om naar zijn leraar te zwaaien achter het raam, want hij miste meester zo. Dat merkten we wel. Het is een bepaalde eenzaamheid die deze kinderen gehad hebben. Ze waren veel op zichzelf aangewezen, dus dan was samen in de ochtend les hebben fijn. Andere kinderen vonden online lessen juist fijn. Zo waren er geen afleidingen en konden ze hard doorwerken en de hele middag vrij zijn, het was voor niemand gelijk.” “Toch hebben ze echt heel goed gewerkt steeds. Er wordt vaak gepraat over een leerachterstand in de media, maar ik denk dan achterstand ten opzichte van wat? Waar kijk je dan naar? Deze kinderen hebben alles opgepakt wat we hebben aangeboden. Ze komen er wel. Ook wanneer de minister zegt ‘Er zullen veel meer kinderen blijven zitten’ dan denk ik waar baseer je dat op? Dat weet je helemaal niet. Hoeft helemaal niet. Deze kinderen hebben hard gewerkt en alles is gecontroleerd. Er was veel anders, maar er was ook veel wél mogelijk. Het komt goed. Deze kinderen hebben laten zien flexibel te zijn, te willen leren en zelfstandig te kunnen werken. Dus ik ben trots op onze leerkrachten, ouders en kinderen. Iedereen moest dingen doen die hij nooit bedacht had en iedereen deed het gewoon. Het lukte met elkaar. Zo zie je dat een mens heel sterk kan zijn als het moet,” eindigt Bisschop.