VRIES – Na twee jaar uitstel vierde Vries afgelopen zondag alsnog de 75-jarige bevrijding van Duitse overheersing. Met in het achterhoofd de vele plekken in de wereld waar geen vrijheid heerst. Veel aandacht was er voor Oekraïne en voor ‘Nieuwe Vriezenaren’, mensen die hun eigen land zijn ontvlucht en in Vries terecht zijn gekomen. Maar gefeest werd er ook: de hele middag was er muziek van koren en orkesten uit de eigen gemeente, die in veel gevallen als veulens in de wei hun eerste optreden na corona beleefden.

Hoewel het weer de hele dag uitstekend meewerkte, begon de dag toch met een kippenvelmoment. Als start van de oecumenische kerkdienst Biebels, Bomen, Blaozen en (voor deze gelegenheid ook) Bevrijding, die ‘tussen kerk en café’ buiten op de Brink werd gehouden, droeg Simon Koops zijn gedicht Vrijheid (Svoboda) voor. In het Drents stond hij stil bij de oorlogen om ons heen en riep hij de wereldleiders op om hun zucht naar macht in te tomen. Verderop in de dienst vertelde Zinaïda in het Oekraïens haar ontroerende verhaal, dat werd vertaald door Noor, inwoner van Vries bij wie Zinaïda met haar twee dochters tijdelijk in huis woont. Een paar citaten uit haar verhaal:

‘We hebben nooit gedacht dat verschrikkingen uit de vorige eeuw naar ons land zouden komen, en dat Rusland ons vreedzame en mooie Oekraïne zou aanvallen. Maar op 24 februari, ergens tussen 4 en 5 uur ‘s ochtends, werden we wakker door ontploffingen. We hoorden op het nieuws dat Poetin en Rusland een invasie van Oekraïne had verkondigd. Volgens hem zouden ze Russischsprekende burgers gaan bevrijden…[…]

Vanaf de eerste dag, en daarna elke dag, heeft onze stad geleden onder luchten raketaanvallen. Het luchtalarm klonk meerdere keren per dag. Soms gingen de sirenes urenlang door. Mijn gezin verschool zich continu in de kelder. De kinderen sliepen in de kelder. De kelder was koud en vochtig. Er heerste constante angst. Angst voor het onbekende, angst voor onze eigen levens, en angst voor de levens van geliefden. […]

Op 10 maart werd ons aangeboden mee te rijden in de auto van een vriendin die Oekraïne ging verlaten. We hebben onze spullen snel ingepakt, en vertrokken naar het onbekende. We lieten alles achter wat we hadden. De mensen die we het meeste liefhebben, zijn daar achtergebleven: mijn moeder, mijn man, mijn vrienden. Ik heb ons huis achtergelaten. Ons huis, dat we in de afgelopen tien jaar zelf gebouwd hebben, en waar we al ons geld in gestoken hebben. Ik verloor mijn baan. […]

Dit is vrijheid: Je vrij kunnen bewegen, Niet te hoeven wachten in een kelder totdat de sirenes ophouden Vrijheid is hoop, je plannen en je dromen, zonder dat een ander die inperkt of vernietigt.’

Al tijdens de kerkdienst stegen de heerlijkste geuren op van de tafels waar Nieuwe Vriezenaren hun gerechten aan het bereiden waren. Even later was het dringen geblazen om een bordje lekkere hapjes uit Eritrea, Iran, Syrië en Ecuador op te scheppen. Een kennismaking met nieuwe dorpsbewoners en hun (eet)cultuur. De hele middag was er een muziekfestival in de Bonifatiuskerk (waar ook een oorlogstentoonstelling en de verhalen van oude en nieuwe Vriezenaren te bekijken was) en in café Onder de Linden. Vele koren en ensembles uit eigen gemeente hadden zich spontaan aangemeld. Voor de meesten was het een eerste optreden na de pandemie, wat het festival extra speciaal maakte. Speciale aandacht was er voor muziek uit de oorlogs- en bevrijdingstijd.

De Harmonie Vries speelde Glenn Miller, MEEZZ kwam met een geweldige, speciaal ingestudeerde Andrews Sisters act, het Mannenkoor Vries bracht liedjes uit bevrijdingstijd, het Charmantykoor en het Bloemenkoor uit Eelde gingen helemaal uit hun dak. Voor De Dames uit Zuidlaren was het optreden een primeur, die in de om z’n akoestiek geliefde Bonifatiuskerk heel goed uit de verf kwam.  Het feest in Vries werd georganiseerd door de Vereniging Volksvermaken, de Protestantse gemeente Vries, Plaats de Wereld, de Historische Vereniging en het herdenkingscomité Vries. De gemeente Tynaarlo en de Provincie Drenthe maakten het financieel mogelijk.