Een leven lang in actie voor natuur en milieu

VRIES – Wietske Jonker-ter Veld werd geboren in Groningen. Na een aantal omzwervingen streek ze in 1968, samen met echtgenoot Jan Eppo Jonker, neer aan de Veenweg in Vries. Daar overleed ze op 17 mei, nadat in 2019 bij haar de eerste symptomen van ALS werden vastgesteld.

Iedereen die Wietske heeft gekend -en dat zijn veel mensen, vooral in de oude gemeente Vries- weet dat zij zich met hart en ziel inzette voor alle aspecten van natuur en milieu die op haar pad kwamen. Scherp en vastberaden, maar altijd doorspekt met een grote vleug humor, zette ze alle middelen in die ze tot haar beschikking had – woord, geschrift, haar grote netwerk en niet te vergeten haar beroemde cartoons.

Haar fascinatie voor het milieu begon bij de heldere sloten in Oldebroek in Gelderland, waar ze als kind, logerend bij opa en oma, in zwom. Toen ze er jaren later terugkwam, trof ze in dezelfde sloten bruine drab en een rat aan. Voor Wietske aanleiding om uit te zoeken hoe dat kwam en wat eraan gedaan moest worden. En zo is het eigenlijk altijd gebleven. Ook de ruilverkaveling in de zeventiger jaren heeft Wietske aangespoord om zich in te zetten voor natuur en milieu. Al vóór de ruilverkaveling reed Wietske op haar landbouw-werkpaard (alle vormen van paardensport waren van jongs af aan Wietskes grote liefde) over de zandpaden en langs de nog kronkelende Matsloot tussen Vries en Zeijen. Tureluurs van de tureluurs werd ze er, maar na de ruilverkaveling waren de vogels gevlogen, niet alleen de tureluurs. Tot groot verdriet van Wietske en veel boeren die op een positieve manier aan de ruilverkaveling hadden meegewerkt.

Kort nadat ze in Vries was komen wonen, raakte Wietske betrokken bij natuurorganisatie IVN. En dat bleef ze tot aan haar dood. Veel van haar acties ontplooide ze namens het IVN. Als bestuurder van het IVN werkte ze mee aan de oprichting van de Milieuraad Vries die tot aan de herindeling in 1998 gevraagd en ongevraagd advies gaf aan het gemeentebestuur. Het sterke punt van deze Milieuraad was dat zowel het ‘groene’ milieu (natuur en landschap), het ‘grijze’ milieu (afvalinzameling en bodemverontreiniging) als de agrarische sector (boeren met gevoel voor natuur en milieu) erin vertegenwoordigd waren. Omdat er veel en ook diverse kennis bij de leden aanwezig was, kon deze Milieuraad binnen een week gefundeerde adviezen uitbrengen. Met Wietske als voorzitter, wist de Milieuraad veel te bereiken in de gemeente Vries.

Gemeentepolitiek was de volgende stap. In 1977 werd Wietske beëdigd als het jongste raadslid in de gemeente Vries, namens de Partij van de Arbeid. Het is vooral aan Wietskes doortastendheid te danken dat de gemeente Vries in deze periode een voorloper werd op milieugebied, daarbij geholpen en soms zelfs aangespoord door enkele ambtenaren die op dezelfde golflengte zaten als Wietske. Al voordat de glasbak was uitgevonden, wist Wietske de gemeenteraad ervan te overtuigen dat aparte inzameling van glas nodig was. De gemeente bouwde zelf grote containers om tot glasbakken. Het mooie was dat er anderhalf keer zoveel glas werd ingezameld dan er in de winkels in het dorp verkocht werd. Toen alle Nederlandse gemeenten het onkruid nog met chemische middelen te lijf gingen, wist Wietske de gemeenteraad te bewegen om 6.000 gulden uit te trekken voor gifvrij groenbeheer. En om het openbaar groen in de nieuwe woonwijk De Fledders zo in te richten dat gifvrij onderhoud er eenvoudig was. Lang voordat de provincie ook maar dacht aan het inzamelen van landbouwplastic, was Vries er al mee bezig en werd plastic gerecycled tot paaltjes en bankjes die nog altijd her en der te vinden zijn. Waterschap Noordenveld wist ze ervan te overtuigen dat sloten niet met chemische middelen gereinigd moesten worden.
In 1986 zette Wietske een punt achter de gemeenteraad, om meer tijd voor haar twee opgroeiende kinderen te hebben. Maar voor Provinciale Staten van Drenthe had ze wel tijd – daar werd overdag vergaderd. Water en milieu had ze in portefeuille. In 1994 werd Wietske benoemd als wethouder in Vries, namens de gecombineerde lijst PvdA-GroenLinks. Reden om weer afscheid te nemen van Provinciale Staten. Legendarisch is de manier waarop ze naar de afscheidsreceptie in het provinciehuis toog: op haar paard Tibor.

Onder Wietskes leiding als wethouder van milieuzaken werd een bermvriendelijk maaibeleid ingevoerd: maaien en het maaisel pas na een aantal dagen afvoeren, zodat zaden en kleine insecten eruit kunnen vallen. Ook was er het beleid om de slootkanten jaarlijks om en om te schonen: het ene jaar de ene kant, het volgende jaar de andere kant. Zo konden planten en insecten beter overleven. Als wethouder van onderwijs kreeg Wietske onder andere de sluiting van de school in Donderen voor haar kiezen – het aantal leerlingen was tot onder de norm gedaald. Aan Wietskes wethouderschap kwam kort voor de herindeling in 1998 een einde.
Tussen de politieke bedrijven door was Wietske docent integrale milieukunde en natuurgids. En ze gaf een tijdje Engelse les aan de huishoudschool in Vries. Maar voor alles was ze toch vooral actievoerder, die de mensen om haar heen probeerde te mobiliseren om het goede te doen voor natuur en milieu.

Even terug naar 1989, het jaar waarin het 850-jarig bestaan van Vries gevierd werd. Dat leverde een grote hoeveelheid afval, voornamelijk bestaande uit plastic feestversiering, op. Het toenmalige college van B&W zag er geen bezwaar in dat te verbranden. Maar Wietske protesteerde daar heftig tegen. Ze kreeg echter als commentaar dat ze dan ook tegen het paasvuur moest zijn – daar kwam ten slotte ook een hoop milieu-onvriendelijk spul op. Maar Wietske was niet tegen het paasvuur, omdat het een oude traditie was, die veel mensen samenbracht. Wietske bedacht een plan om het paasvuur schoner te maken: Ze maakte er een wedstrijd van door een paasvuurbokaal in het leven te roepen. Het dorp met het schoonste paasvuur ontving de jaarlijkse wisselbokaal. Om die bokaal wordt nog altijd heftig gestreden in de gemeente Tynaarlo, als er tenminste een paasvuur gehouden kan worden.

En tot slot de baanverlenging, de vurige wens van vliegveld Eelde om de start- en landingsbaan te verlengen, zodat er grotere vliegtuigen op het vliegveld terecht konden en de even vurige wens van Wietske om dat tegen te houden. 35 jaar sleepte de procedure zich voort en 35 jaar heeft het verzet van Wietske geduurd. Ze voerde als adviseur en vertegenwoordiger van VOLE (Vereniging Omwonenden Vliegveld Eelde) actie tot in de Raad van State, die ze in die periode vele malen bezocht. Het leverde een unicum op in de Nederlandse bezwaarschriftengeschiedenis: samen met haar dochter produceerde Wietske een bezwaarschrift in stripvorm. Uiteindelijk ging de baanverlenging in 2012 toch door. Maar Wietskes inspanningen waren niet voor niets: natuur en milieu werden op veel fronten gecompenseerd.

Tot in Den Haag waren Wietskes cartoons beroemd en berucht. Iedere gelegenheid, iedere vergadering, iedere treinreis benutte ze om te tekenen. Met als resultaat getekende en geschilderde protesten die haar acties met humor onderstreepten. Toen ze bij de zoveelste zitting in Den Haag over de baanverlenging de betrokken minister op posterformaat geschilderd had, vroeg die minister na afloop of ze de poster mocht hebben…. Het tekent Wietske: op een milde manier, met de nodige humor, maar zonder ooit op te geven ging ze tot het gaatje. Natuur en milieu in Vries en wijde omstreken en de inwoners van dat gebied hebben heel veel aan Wietske Jonker te danken.

Tekst: Joke Rosier
Foto: Jan Eppo Jonker