Directeur van Museum De Buitenplaats over 25-jarig jubileum

EELDE – Museum De Buitenplaats viert dit jaar zijn 25-jarig bestaan met een jubileumtentoonstelling ‘25 jaar Museum De Buitenplaats’. De tentoonstelling zal werken presenteren uit de eigen opgebouwde collectie van Jos en Janneke van Groeningen-Hazenberg. De grondleggers van het museum waren beiden fervente kunstverzamelaars. “Het is een tentoonstelling die helemaal uit onze eigen koker komt”, vertelt Mariëtta Jansen directeur van Museum De Buitenplaats trots.

Deze tentoonstelling maakt Jansen samen haar kleine team. “Het is onze kracht maar ook heel kwetsbaar ten tijde van een pandemie. Hopelijk blijft dat goed gaan.” Het idee voor de jubileumtentoonstelling is geleidelijk aan ontwikkeld. Het was natuurlijk een feit dat het museum 25 jaar zou bestaan. “Maar iedereen weet hoe afgelopen jaar was, het was natuurlijk dramatisch. We moesten veel tentoonstellingen uitstellen, omgooien en kijken wat er nog wel mogelijk was.” Daarom ging Jansen spelen met het idee om werken uit de eigen opgebouwde collectie van ‘De Buitenplaats’ te gebruiken voor de tentoonstelling. “Het moest wel een beetje anders dan anders zijn en coronaproof. Want wie weet hoe lang we nog in deze ellende zitten?” Naarmate Jansen langer in het opengestelde ‘Nijsinghhuis’ rondliep, waar Jos van Groeningen tot voor kort nog woonde, zag Jansen dat het hele huis onontgonnen gebied was. “Alsof de ziel er nog in zit bij wijze van spreken.” De combinatie van items uit eigen collectie gezamenlijk met de nieuw ontdekte kunstschatten uit ‘Het Nijsinghhuis’ vormen nu samen de jubileum tentoonstelling.”

Het ‘Nijsinghhuis’ staat bekend om zijn figuratieve muurschilderingen van Matthijs Röling, Wout Muller, Clary Mastenbroek, Olga Wiese en Pieter Pander. In de tentoonstelling zullen deze gecombineerd worden met de werken die het museum in de collectie heeft. Zodat er een connectie is met ‘het Nijsinghuis‘. Maar het ‘Nijsinghhuis’ bleek veel meer kunstschatten te bevatten naarmate het jaar vorderde. Archieven, kunstobjecten en fotoarchieven die nog ontgonnen en ontsloten moeten worden. “In de jaren zestig toen Jos en Janneke elkaar leerden kennen, toen hadden ze voor een gedeelte al een leven achter de rug natuurlijk. En dan kom je achter een hele mooie rode draad, want in de jaren zestig had Janneke eerst een relatie met abstract kunstenaar Henri de Wolf. Daar vonden we allemaal dingen van terug. Een map met allerlei tekeningen en brieven. Dat is heel persoonlijk. En blijkt Jos van Groeningen, van dezelfde lichting kunstenaars, abstracte kunst te hebben gekocht“, vertelt Jansen enthousiast.

De liefde voor abstracte kunst van het echtpaar Van Groeningen was voorheen onbekend. “Het is kunsthistorisch heel interessant. Want het is een buitengewoon interessante wereld geweest met allerlei kunstenaars en schrijvers in het Noorden die zich hier allemaal verbonden wisten. Nu velen er niet meer zijn, beginnen we met schrijven van die geschiedenis. Want al zijn we een museum voor figuratieve kunst,  van oorsprong was er blijkbaar ook interesse in abstract kunst. Dus ook dit verhaal wordt nu verwerkt in de tentoonstelling, om te laten zien waar het begon.”

Naast de tentoonstelling zal er een boek verschijnen over het museum met foto’s van Sake Elzinga van het NRC. Daarnaast komt er een korte film uit over Museum De Buitenplaats van Buddy Hermans en cartoonist Nico Visscher. Nico Visscher blijkt een goede vriend te zijn geweest van Jos van Groeningen en had twee uur aan niet eerder vertoond film materiaal van de bouw van het museum liggen. Van dat materiaal zal de start van de bouw van het museum in beeld gebracht worden tot de opening van het museum met koningin Beatrix. 

“Zo proberen wij er toch iets heel moois van te maken en het is praktisch. Door deze insteek hoeven wij nergens een tentoonstelling vandaan te halen, dat kan gewoon van hiernaast. Toch kan ik maar een tipje van de sluier oplichten van alle kunstgeschiedenis in dit museum en ‘het Nijsinghhuis’. Dat maakt het voor mij tot een hele leuke en spannende tentoonstelling eerlijk gezegd.” De geplande opening op 19 en 20 maart zal niet doorgaan voorziet Jansen. Men verwacht dat musea pas rond Pasen mogen openen. “Maar zodra we open mogen, dan zijn we open voor iedereen en zullen we dat laten weten. Tot die tijd is het voor ons aanpassen, net als voor iedereen.” Dat is ook de reden waarom er gekozen is om de tentoonstelling zeker tot september in te plannen, zodat een ieder, ongeacht de maatregelen, kans krijgt de tentoonstelling te bezoeken. “Daar ben ik eigenlijk wel blij mee, want in de lente en zomer is het fantastisch toeven in onze tuinen.”