‘Ik ben sinds 1 januari voorzitter van het Hunebedcentrum. Opvolger van oud-burgemeester van Borger-Odoorn Tryntsje Slagman. We hebben een bestuur van zes personen die gezamenlijk met de directeur van het Hunebedcentrum Harrie Wolters, het Hunebedcentrum leiden. Als Hunebedcentrum willen we door educatie en communicatie de archeologische monumenten in Drenthe bij een breed publiek voor het voetlicht brengen. En zo natuurlijk bewustwording creëren om ze te beschermen. Het Hunebedcentrum is een prachtige organisatie met heel veel vrijwilligers die laat zien hoe mooi onze provincie is. Zowel het heden als het verleden en hoe belangrijk het is om dit allemaal goed te bewaren. Het is ontzettend leuk om af en toe even langs te gaan om te zien wat ze nu weer hebben veranderd. De laatste keer dat ik er was hadden ze net replica’s van de schedels van een reuzenhert en een wolharige neushoorn geplaatst in het restaurant, naast de al hangende schedel van een mammoet. Heel recent hebben ze het archeologisch opgravingsterrein nagebouwd van het hunebed D26 bij Drouwen. Dit is het laatst opgegraven hunebed van Nederland. Zo kan je zelf zien en uitproberen hoe zo’n opgraving in zijn werk gaat. We hebben kort geleden ook de statuten gewijzigd. Tot voor kort heetten we niet eens Stichting Hunebedcentrum, maar dat is nu officieel wel zo. Ook hebben we in de afgelopen twee maanden twee samenwerkingsovereenkomsten getekend. Eén met de Masteropleiding Archeologie van de Rijksuniversiteit Groningen om de aansluiting tussen opleiding en arbeidsmarkt te verbeteren. En één met het UNESCO Geopark De Hondsrug voor een intensievere samenwerking, zowel voor de exposities als organisatorisch. Na de zomer beginnen we met een nieuw project, de Nieuwe Hunebedbouwers. Hunebedden waren vroeger ontmoetingsplekken waar gezamenlijke rituelen plaatsvonden. Dat willen we nu een nieuwe betekenis geven, door een selecte groep Drentse ondernemers samen te brengen rond het Grootste Hunebed, om door innovatie en verandering te werken aan de duurzame toekomst. Zo wordt deze plek weer de innovatieve broedplaats en dynamische ontmoetingsplek die het vroeger ook was. De coronajaren hebben we goed doorstaan. We hebben die periode gebruikt om her en der de expositie en de locatie een upgrade te geven!’